Freija, de godin van de Liefde met haar Noorse BoskattenFreija, de godin van de Liefde met haar Noorse Boskatten

De Noorse Boskat


Uit: Encyclopedie van de kat - Dr. Bruce Fogle



De geschiedenis


Rond 1000, toen de Noormannen handelsroutes bevoeren naar het Oosten, kwamen er katten in Noorwegen.
Het bewijs dat katten direct van het Byzantijnse rijk naar Noorwegen kwamen is te vinden in de Noorse katten populaties waarin vachtkleuren voorkomen die in Turkije normaal zijn, maar zeldzaam in de rest van Europa. Vermoedelijk is de Noorse Boskat terug te voeren op langharige Turkse katten. De Noorse winter bevorderde grote langharige katten die bij boeren populair werden. Tot de jaren '30 werd de Wegie niet als een apart ras gezien en het echte fokken begon pas in de jaren '70. In 1979 kwamen de eerste Wegies in de VS en in de jaren '80 in Groot Brittannië.





Het Karakter


De Noorse Boskat, iets gereserveerd tegen vreemden maar kalm en vertrouwd met zijn eigen mensen, heeft veel gemeen met de Maine Coon en de Siberische Boskat.
Door zijn grote postuur en lange achterpoten is de "Wegie" duidelijk aanwezig. Noorse fokkers zien in deze "natuurlijke" kat graag hun kleine lynx. Het is een lieve huiskat, maar hij verdedigd zijn territorium tot het uiterste. Hij kan uitstekend klimmen en jagen, en eigenaars in de buurt van een rivier vermelden dat hun Wegie ook vist. Over het algemeen is het een gezond ras, maar er moet gewaakt worden voor het fokken op langere lijven en neuzen om rug- en gebitsproblemen te voorkomen.

Persoonlijk wil ik er aan toevoegen dat een Noorse Boskat geen schootkat is. Hij is lief en aanhankelijk, maar eigenlijk een echte buitenkat. Hij heeft lichaamsbeweging nodig en veel afleiding. Want het ras is erg beweeglijk.
Het is een evenwichtig dier wat veel zelfvertrouwen uitstraalt.
Het spreekwoord "een hond heeft een baas, een kat personeel" is op een Noor zeker van toepassing. Het dier vaart zijn/haar eigen koers. Dat is een eigenschap waar je bijzonder veel respect voor kunt hebben, maar je moet hem wel weten te waarderen.
Het is geen dier wat je dresseert. Maar als je er een goede band mee hebt wel een dier waar je veel liefde van krijgt. Een Noor wordt graag geaaid.
Wil je een kat die inschikkelijker is kun je beter een Blauwe Rus nemen.
Wil je een Noor alleen in huis houden, zorg dan dat hij voldoende afleiding heeft.


Het uiterlijk: Het lichaam


Een Noor is groot met stevige botten en is goed gespierd. Mag niet gedrongen lijken en ziet er elegant uit. De poten zijn lang en stevig, de voeten groot en rond met haarplukjes tussen de tenen.
Hij is bestand tegen buiten zijn in een koud klimaat.
Een Noor kan 's winters ook in de buitenren worden gehouden mits hij een goed nachthok heeft. Het geniet mijn voorkeur de kat binnen te houden. Want al zit hij niet graag op schoot, hij is dolgraag in je gezelschap.
Een buitenren met een vrije ingang naar de woning is natuurlijk helemaal perfect.

Het uiterlijk: De vacht


De vacht heeft een glanzende waterafstotende toplaag en een wollige ondervacht.
Voor katers is een volle kraag gewenst. Poezen hebben dit niet altijd, maar dat verschilt van dier tot dier.
Een Noor is een half langhaar. De rug is korter behaard is dan de rest van het lichaam. De achterpoten moeten de bekende "broek" hebben en de buik hals en staart zijn lang behaard.
Het is goed de vacht één keer per week te kammen. Sommige Noren hebben wel eens een beetje last van klitten, maar dat geldt niet voor alle Noren.
Zijn ze altijd binnen heb je hier het minste last van. Regen bevordert klitten.
Kam een Noor niet te vaak, want dat is slecht voor de kwaliteit van de vacht. Hij wordt dan veel te pluizig!
De vacht moet een vettige uitstraling hebben, zonder vet te zijn.
De staart is lang en pluizig, even lang als het lichaam.

Het uiterlijk: De kop


De kop is driehoekig met een lang en recht profiel en een sterke kin.
De snoet moet hoekig zijn met een alerte uitdrukking. En niet rond of "schattig".
De oren zijn open, breed aan de basis en hoog op de kop. Ze moeten de lijn van de zijkant van kop naar kin voortzetten. Er mag niet teveel haar in de oorschelp zitten.
De ogen zijn groot en open. Niet rond en enigszins scheef geplaatst.

Het uiterlijk: De kleuren


Noren komen in veel kleuren voor.
Zowel effen als tortie in de kleuren zwart, rood, blauw, crème, wit, schildpad en blauw-crème. Smoke kleuren, dezelfde kleuren als voor effen en tortie, behalve wit.
Shaded en tipped kleuren, dezelfde kleuren als voor effen en tortie behalve wit.
Tabby kleuren (gestreept, gemarmerd en gevlekt), bruin, rood, blauw, crème, tortie en blue tortie.
Zilver tabby kleuren, kleur en patroon als van standaard tabby 's.
Bicolours, alle toegestane kleuren en patronen met wit.
De rasstandaard vereist dat in zijn uiterlijk de natuurlijke afkomst van de boerderijkat te zien is. De belangrijkste punten zijn het type en de vachtkwaliteit; bij keuringen worden geen speciale punten voor de vachtkleur gegeven.
Tabby 's zijn populair vanwege het 'natuurlijke' imago.





Laatst bijgewerkt: 01 Augustus 10, site by Rene